23 januari 2014

Echt 'baas'

Mijn kennis over IJsland ging tot voor kort niet veel verder dan Reykjavik, Björk (it's oh so quiet in IJsland) en geisers.  Aangezien ik een warm bad in mijn eentje veruit verkies boven een geisers in gezelschap had ik ook geen animo om die kennis uit te breiden, ware het niet dat ik mij in de 'lopapeysa' heb gestort. 

Dat is geen nieuwe Scandinavische thriller, maar een trui. Liefhebbers van The Killing zullen zeggen: "Wat is het verschil?". De lopapeysa is de traditionele IJslandse trui, die trouwens helemaal niet zo traditioneel is. Een jaar of zestig geleden zijn ze IJsland deze truien gaan breien, geïnspireerd op de kleding van de Groenlandse Inuit. Dat zijn eskimo's, maar dat is geloof ik niet aardig om te zeggen. Puik staaltje IJslands jatwerk.

Ik wilde een warm vest voor mijzelf breien. Bij voorkeur om in te schaatsen, maar bij onstentenis van ijs ook prima voor gewoon. Dat de winter maar niet wil komen, betekent niet dat ik het niet koud heb. In minder dan een maand breide ik een trui (laat dit huzarenstukje even tot u doordringen.)  Een trui is geen vest, dat weet iedereen. Maar ik breide een trui met het voorgenomen plan deze later door midden te knippen tot een vest. Nog nooit een trui gebreid en meteen maar de schaar erin. Ambitieus plan. 


Ik nam de steken op en breide een i-cord, een soort gepunnikt randje, waar de dubbeldeelbare metalen rits heel mooi in verdwijnt, als kostte dat laatste bloed, zweet, tranen en vingertoppen omdat ik hem er ten langen leste maar met de hand heb in genaaid. Dat het langzaam verlopende garen breedtestrepen maakt is niet persé een aanwinst. Ik had liever traditionele IJslandse wol gehad. Goedkoop en kriebelig, maar wel heel warm. Van de restjes maakte ik een bijpassende muts. Ik volgde dit patroon, maar veranderde de pas. Hier kun je zien hoe. 

Ik vind mezelf echt een 'baas' dat ik dit gemaakt heb, om maar eens een leenwoord uit de jeugdtaal te gebruiken. Je schijnt het met een 'z' te moeten schrijven, maar ik ben niet helemaal van Lotje getikt. De kinderen (9, 12 en 14) lenen op hun beurt trouwens ook wel eens iets uit het verleden. Onder invloed van de serie Ramses is de Shaffycantate hier veelvuldig te horen. 

I knitted a 'lopapeysa' in less than a month. I'm very proud of myself for steeking it, knitting an i-cord en placing a almost hidden double metal zipper. I used this pattern, but changed the yoke. Here you can find the chart for the yoke. 


8 januari 2014

Tamme breister

Vorig jaar ontdekte ik het breien. Een paar sjaals en cols later was de winter over en taande de interesse danig om in oktober weer net zo hevig op te vlammen. Breien is, wat iedereen ook wil beweren niet hot. Ja, op Ravelry wel ja, maar ik vermoed dat klaverjassen ook vrij populair is bij daartoe opgerichte vereningingen. Maar wees gerust. Ik laat lantaarnpalen en ander straatmeubilair gewoon met rust en brei uitsluitend thuis. Als je geen wildbreier bent, ben je dan een tamme breier of een gecultiveerde breier?


Ik heb veel geleerd sinds ik de pennen weer opgepakt heb. Zo kan ik nu op een rondbreinaald breien, meerderen en minderen op allerlei manieren, een  'kant'-patroon breien en -tromgeroffel lijkt me gepast- heb ik een vest voor Lauren gebreid. Natuurlijk zag ik pas op de computer dat op de foto's de zoom naar binnen valt, maar ik kan naar eer en geweten zeggen dat dat niet aan slordig breiwerk ligt. Van het garen (Malabrigo Rios Paris Night) dat over was en nog een beetje van een ander project, maakte ik nog een muts.

Ik ben nu een project gestart voor mijzelf. Een IJslands vest, met een rits. Dat houdt in dat ik eerst een trui in het rond brei en dat ik daar vervolgens dwars doorheen geknipt. Dat klinkt verknipt, maar zo schijnt dat te moeten.

Last winter I learned how to knit properly. I knitted a few scarfs and cols and when the spring came I never bothered again. And then came October and I was smitten again. I learned a lot since, how to knit in the round, several ways of increasing and decreasing, how to knit lace and I knitted a cardigan for Lauren in wonderful Malabrigo Yarn.


2 januari 2014

Gelukkig Nieuwjaar en origami

In de eerste plaats: Gelukkig Nieuwjaar.
Valt het u ook op dat niemand dat meer zegt?  De Beste Wensen, die krijg ik wel veel toebedeeld, waarvoor dank. Prettige Kerstdagen deden ook nauwelijks nog de ronde, daar is het laffe 'Fijne Dagen' voor in de plaats gekomen, meestal gevolgd door het woordje 'nog'. Juist door die toevoeging krijg je het gevoel dat je het hele jaar nog even goed moet maken in dat laatste weekje, maar dat dat feitelijk onbegonnen werk is. Dan wou ik bijna dat ik in Amerika woonde en de hele dag kon 'Merry Christmas' kon roepen. Misschien kon ik de neiging om er 'ho, ho, ho' achteraan te plakken niet eens onderdrukken. Op Oudejaarsdag, maar ook alleen dan, gaat er niets boven Oostenrijk. U moet toegeven; ein guten Rutsch maakt heel korte metten met een 'goed uiteinde'.

Maar eigenlijk ging ik het over origami hebben. Origami en ik gaan al een tijdje terug. In 1978 (wát?) kampeerden wij in Grindelwald. De camping keek uit op de Eiger Nordwand en dat was ook de reden dat de meeste kampeerders daar bivakkeerden. Hoewel wij er met een degelijke Alpenkreuzer stonden, wemelde het er van de polyester koepeltentjes. Dat was toen nieuw.

Die koepeltentjes werden bevolkt door Japanse bergbeklimmers. Die genoten niet alleen van het uitzicht van de Eiger, maar waren ook van plan deze te beklimmen. Het zou goed kunnen zijn dat het deze ontmoeting is geweest die mijn broer heeft geïnspireerd om alles van Reinhold Messner te verslinden. Ik liep ook toen al niet zo gauw warm voor sportieve prestaties, maar  wel voor de gekleurde vouwblaadjes die ze bij zich hadden.

Ik nam in die tijd mijn poezie-album mee op vakantie. Zodat een Brabants vakantievriendinnetje daar 'romel-de-bomel-Petra-zit-in-de-koekjestromel' in kon schrijven. Ja, dat wil je niet missen. Ik rook een buitenkansje toen ik al die Japanners zag. In mijn beste Engels (ik was negen, hè) probeerde is ze het concept poezie-album uit te leggen én dat ik daar graag een origami-achtige bijdrage in zag. Met Chinese tekens erbij. Wist ik veel. Ik kreeg mijn zin.

Een jaar eerder, in Engeland, moest ik de fijne kneepjes van die taal nog onder de knie krijgen. Toen mijn broer en ik in een campingwinkel allebei een tennisbal mochten kopen en de mijne niet stuiterde, wisselde ik deze razendsnel om met mijn broer (oh, de voorrechten van een eerstgeborene) en stuurde hem terug. "Zeg maar; notting goet stoot, dan krijg je wel een nieuwe". Niet veel later stond mijn broertje huilend buiten met nog steeds dezelfde lamme tennisbal. "Ze begrijpen me niet".

Maar ik dwaal af. Zoals wel vaker. We waren dus in Zwitserland, waar de Japanse bergbeklimmers niet alleen in mijn poezie-album schreven, maar mij ook kraanvogels en pingpongballetjes leerden vouwen. En  gaven ze me een stapeltje van die mooie blaadjes mee voor thuis.

De liefde is nooit over gegaan. Voor een feestje maakte ik deze Japanse brocade ballen, die ik later ophing op Lauren's kamer. In rood en wit ook leuk voor in de kerstboom, maar dat is een beetje te laat. Misschien voor alle die-hards die tot Maria Lichtmis tegen steeds kalere takken aankijken. Zie hier hoe u ze maakt.

In 1978 I learned how to fold origami cranes on a campsite in Grindelwald, Switzerland. Japanese climbers brought little origami papers. I loved it rightaway and never stopped loving it. Make your own Japanese brocade balls.


18 december 2013

Feeling blue


 Weet u wat dit is? Dit is een op de Wiener Werkstätte geïnspireerd tafelkleed. Nou, ik kan sommigen van u misschien alles wijsmaken, maar dat is het dus niet. Dat had het moeten zijn.

Uiterst voorbereid toog ik naar mijn zeefdrukles. Tekening op de transparant in de tas. Ik zal u verder niet vermoeien met allerlei technische wetenswaardigheden over zeefdrukken, maar het vergde minutieuze voorbereiding om te bepalen waar ik moest drukken om aldus een repeterend Wiener Werkstätte-waardig patroon te krijgen. Hiervoor moest ik zelfs bovenop de tafel klimmen om te kunnen drukken. Ik vulde de zeef met de blauwe inkt en trok het rakel ferm naar me toe. Met de nadruk op ferm. Uit onhandigheid vulde ik de zeef met teveel inkt en bij het drukken splashte de blauwe verf over de zeef op mijn tafelkleed. Eerder Jackson Pollock dan Wiener Werkstatte. 


Gloeiende, gloeiende, gloeiende... Vloeken werkt altijd beter in de vermenigvuldiging. Ik zei trouwens geen 'gloeiende', maar iets anders. Iets dat écht helpt. Ik wreef daarbij driftig met een roerstokje door de netgemorste verf. 

Ik vond het resultaat eigenlijk best mooi. Mijn docent deed ook erg zijn best; "Het is wel een mooie blauwe kleur". In plaats een suffe loper te maken van het restant van de stof, ging ik driftig in de weer met een brede kwast en blauwe inkt. 

Vanochtend klonken er goedkeurende geluiden bij het aanschouwen van mijn misbaksel. 

16 december 2013

Zij kon het bloggen niet laten

Met "blauw afscheid" hing ik dit blog aan de wilgen. Laten we het erop houden dat het er weer uitgewaaid is. Ik mis mijn blog. Ik blijf iedere keer bij het openen van mijn laptop naar mijn eigen blog kijken. Met dat blauwe afscheid betekende het dat ik iedere keer naar die foto van Lauren bleef kijken met die gebreide pet. Ik moet steeds aan Tanja Nijmeijer denken bij die foto. Dat mooie meisje van de FARC. Niet direct de gedroomde toekomst van je enige dochter. Even checken: hockeyen in Oranje, schrijfster, juf. Guerillastrijder staat gelukkig niet op het lijstje van haar toekomstige beroepen. 

Toekomstige beroepen. Nogal een thema hier, de laatste tijd. Onze oudste zoon, die nog geen baard in of op de keel heeft, moet deze week zijn voorlopige profielkeuze maken. Gister wilde hij journalist worden, vandaag arts. Morgen moet hij kiezen. Als hij wiskunde B kiest, wat hij nodig heeft voor natuurkunde, wat hij nodig heeft om geneeskunde te studeren, kan hij geen geschiedenis kiezen, waar hij van smult en wat ook nog een retehandig is als je journalist wilt worden. En dan ben je nog maar veertien. Praat er vooral met je ouders over, zeggen ze op school. 

Iedereen is zo voor een bèta profiel. Dat houdt de meeste opties open, zeggen ze. Maar het is toch te gek dat een kind van veertien verder geen maatschappij-vakken als aardrijkskunde, geschiedenis of vooruit, economie overhoudt? Grote kans dat hij dan niet weet van de FARC, dat scheelt weer. 

Kortom. Vervlogen Dagen is er weer. Met tuttige hobby's en persoonlijke hersenspinsels. Omdat ik eigenlijk niet zonder kon....

Op de foto twee mutsen. De linker voor Lauren, de rechter voor mij. 

Apparently it was too early to say goodbye. I miss blogging. So I'm back. With crafting and personal stories. That is, if you read Dutch. 




12 november 2013

Op herhaling

U blijft hier zo trouw op bezoek komen. Althans dat is de conclusie die ik trek op basis van de bezoekersaantallen. Misschien heb ik ook een geheel nieuwe doelgroep aangeboord; zij die blogs bezoeken die een -tijdelijk- afscheid aankondigen. Je weet het maar nooit. Om mijn eigen ego te strelen ga ik ervan uit dat u hier trouw blijft komen. Ik ook trouwens.

 Om die trouw te belonen doe ik, met het zicht op december, nog eens een patroon op herhaling. Hoewel deze verschijning geworden is tot iemand-wiens-naam-wij-niet-hardop-mogen-noemen durf ik hier zo maar het patroon voor mijn Zwarte Pietenpop te plaatsen. Ik ben tenslotte niet voor een kleintje vervaard. Mooie uitdrukking. Het plaatst me meteen in goed gezelschap. Willem van Oranje was ook vrij onverveerd een prinse van Oranje. Kennelijk lag de aa-klank ons in de zestiende eeuw nog niet zo lekker. Maar ik dwaal af. Eens zien: Willem van Oranje, Alva, Filips, Spanje. Ik ben er weer. Willems zoon, Filips Willem, werd trouwens ooit meegenomen naar Spanje om daar een streng katholieke opvoeding te genieten. Ik weet niet of dat Willem van Oranje (die toen dat gebeurde de wijk had genomen voor Alva) nou direct in het kamp van de Zwarte Piet-aanhangers had geplaatst. Het kan zijn dat hij licht gevoelig zou zijn voor de praktijken die de Pieterbaas uit hoofde van zijn functie erop na houdt.

 Wij hebben Sinterklaas in de familiekring nog nooit met een echte Sinterklaas of Zwarte Piet gevierd. Dat is nog eens geloven! Maar nu vieren we het voor het eerst zonder gelovigen. Gelukkig heeft onze jongste 'het geheim van Sinterklaas' zelf ontrafeld zonder dat Prem Radhakishun daar de hand in had. Hoe we het vanaf nu zullen vieren weten we nog niet precies. Mijn man keek zeer bedenkelijk bij het woord 'surprises maken', ongetwijfeld dacht hij aan A4-tjes op de deur met "verboden toegang" en daarachter een zee van papier-maché. Dat rijmt trouwens wel leuk, ook belangrijk in deze tijd.

 Dit jaar ben ik ook voor het eerst afgestapt van de obligate seizoenstafel. Herfst hebben wij doodleuk laten passeren zonder vilten paddenstoelen en wat dies meer zij. Zelfs de schaal met kastanjes, die langzaam van onderaan beginnen te schimmelen heeft het dit jaar niet gehaald. De herfst is er niet minder om. Ik denk dat ik alle Sinterklaasparafernalia ook lekker in de doos laat zitten. De kartonnen stoomboot, waar elk jaar een frisse pluk watten inging, de kleine Klaas en zwarte Pietjes voor op de boot, het schimmeltje, de ingepakte Duploblokjes. Das war einmal. Ik zet deze twee Zwarte Pietjes in de boekenkast, bij het Sinterklaasboek van Charlotte Dematons, wat om onverklaarbare redenen behoort tot het vaste jaarrond repertoire.

Zwarte Pietjes, met gouden ringen en rode lippen. Als u die ook wil maken, klikt u hier voor het patroon. Het staat u geheel vrij om er een blauw hoofd op te maken of een geel.

30 oktober 2013

Blauw afscheid


Denemarken doet hier nooit mee in de categorie vakantiebestemmingen. Noorwegen en Zweden trouwens ook niet. Wegens rotweer, dure drank en smorrebrod. Toch jammer, want mijn Deens is de laatste tijd behoorlijk vooruit gegaan. Zo kan ik in het Deens aan mijn man (hi skat) vragen of hij soms een vriendin (kaereste) heeft en versta ik hem als hij daarvoor zijn excuses (undskyld) aanbiedt. Natuurlijk heeft mijn man geen vriendin en had hij die wel dan kan ik u verzekeren dat er geen woord Deens zat bij hetgeen ik hem te zeggen had.

U snapt het. Ook wij kijken Borgen en the Killing. En Downton Abbey trouwens, maar daar schiet mijn Deens niet veel mee op. The Killing staat in onze vriendenkring beter bekend als 'die met die gebreide trui'. En precies die gebreide truien maken deze misdaadserie dragelijk. Ik ben een angsthaas namelijk. Maar daar waar gebreide truien door het beeld schuiven wordt het nooit echt eng. Toch?

Het lijkt me niet meer dan logisch om deze les ook in het dagelijks leven toe te passen. Dus breide ik maar weer eens wat. Een muts met een klep, waarvan ik nog steeds diep onder de indruk ben.  K2 m1r sm k16 pm m1l k2 en dat ik dat dan snap. Ik maakte een combinatie van dit patroon en dit patroon.   De sjaal deed ik volgens dit recept. Het is voor mijzelf, maar voor de foto plantte ik het op een knapper hoofdje.

Het is allemaal oefenen natuurlijk. Voor een trui. En dat ik dan die moord oplos enzo. (Dat deed ik trouwens. Ik wist wie het was, maar mijn argumenten hadden weinig met politiewerk te maken, vrees ik.) Dus nu ga ik Ravelry eens afspeuren.

Hier knijp ik er een tijdje tussenuit.  Tweehonderdeenenveertig berichtjes schreef ik hier. Over tassen en kussens, tafellakens en dekbedden, tekeningen en zeefdrukken. De inspiratie voor het maken is niet weg en dat blijf ik ook doen, maar ik weet niet meer wat ik erover zeggen moet. De laatste tijd hadden mijn stukjes al weinig connectie meer met hetgeen ik maakte. Misschien dat ik stukjes moet schrijven. Ergens. Wie weet.

Tot ziens. 

22 oktober 2013

Setje

Van deze muts die ik voor Lauren breide zou ik moeiteloos naar de Zwarte Piet discussie kunnen springen, maar eigenlijk wil ik er geen woord meer over horen. In mijn meest genuanceerde momenten bedenk ik dat ik geen idee heb hoe het is om zwart te zijn, laat staan hoe kwetsend Zwarte Piet in dat geval zou kunnen zijn. In mijn  minder genuanceerde momenten, die weliswaar veel talrijker zijn, denk  ik: "Quatsch". Nou ja, feitelijk ligt "flauwekul" wat dichter bij mijn oorspronkelijke gedachte dan "quatsch", maar het laatste klinkt veel lekkerder.

David Sedaris heeft wat mij betreft het ultieme verhaal over de kwestie geschreven. In 'Six to eight black men' beschrijft hij onze Sinterklaastraditie die -if you put it like that- bijzonder wonderlijk klinkt.  "Then, of course, you've got the six to eight former slaves who could potentially go off at any moment. This, I think, is the greatest difference between us and the Dutch. While a certain segment of our population might be perfectly happy with the arrangement, if you told the average white American that six to eight nameless black men would be sneaking into his house in the middel of the night, he would barrciade the doors and arm himself with whatever he could get his hands on."

Doe jezelf een plezier en lees alles van David Sedaris. Doe dat niet in een openbare ruimte, tenzij je het lollig vindt om aangestaard te worden omdat je hikkend van de lach een boek in een openbare ruimte zit te lezen. Doe dat bij voorkeur ook niet terwijl je partner onder handbereik op de bank zit, tenzij hij of zij het heel leuk vindt om volstrekt onverstaanbaar voorgelezen strofes aan te horen.

Of brei een col en een muts. De col is een kopietje van deze, in de bijenkorfsteek. Met een col doe ik niet ingewikkeld. Ik brei gewoon een sjaal en haak die aan elkaar. Zo makkelijk kom je met een muts niet weg. Er gingen nogal wat youtube-filmpjes aan vooraf om de edele kunst van het rondbreien om een rondbreinaald onder de knie te krijgen.

I knitted a cowl and hat for Lauren. Without much of a pattern, which wasn't the easiest way to go for the first time on circular needles. The cowl is a copy of this one, in a very becoming honeycomb stitch.

16 oktober 2013

Kruk


Lauren was dus jarig. Van mijn eigen verjaardagen herinner ik me lange verlanglijsten. Bovenaan: een wit konijn. Een bedelarmband heeft me ook jaren het einde geleken. Het zat er nooit bij en dat gaf ook niet. Gek genoeg is het eerste cadeau dat me te binnen schiet dat ik wel gekregen heb, een fles appelshampoo met een psychedelisch jaren zeventig etiket.

Nog steeds maak ik lange lijsten. Geen witte konijnen meer of bedelarmbanden. Maar een keukenmachine heb ik écht jaren gevraagd. Afgelopen jaar kreeg ik er een. Met excuses. Dat hij ook wel weet dat ik eigenlijk niet van praktische cadeaus hou, maar omdat ik het al zo lang vraag...

Lauren had een zeer bescheiden lijstje. Zowel in omvang als in gevraagde artikelen. Ze vroeg sloffen en een kruk. Zeker niet behept met het allergisch-voor-praktische-cadeaus-gen! Gelukkig vroeg ze ook oorbellen. Het dol-op-kleine-doosjes-gen blijkt wel dominant.

De sloffen kocht ik en de kruk ook. We deden er en passant nog een "vet chille" bureaustoel bij. De kruk (Frosta van Ikea) werd door Lightbluegrey als eens prachtig aangekleed. Dat wilde ik ook, maar ik deed iets anders. Een kussen met twee kanten. Ja duh! Twee verschillende kanten. Grijze piping ertussen, want de fluo roze kwam helaas net te kort.

12 oktober 2013

Hoera Lauren negen jaar!


Onze mooie, lieve, stoere, sportieve, eigenzinnige dochter werd gister negen jaar. Het is haar bedoeling dat u nog veel van haar gaat horen als hockeyster voor Oranje. Maar als we zien wat voor pareltjes van verhalen zij schrijft zou ze ook zomaar schrijfster kunnen worden. Of juf, of dokter. Wat heerlijk om negen te zijn. Alles kan nog! Lieve meid, gefeliciteerd. Natuurlijk maakte ik een verjaardagstekening voor haar. Starring Siep, ons favoriete familielid.

Yesterday Lauren turned nine. Our beautiful, sweet, tough, sporty, free spirited daughter. She wants to be a professional hockeyplayer, but she could be a famous writer as well. Or a teacher, or a doctor. Being nine, still being able to be whatever you want, is great. Sweet girl, happy birthday. Of course I made a drawing, just like every year. Starring Siep, our favorite familymember.

10 oktober 2013

Workshop van Vervlogen Dagen

Heb jij zin om zelf eens zo'n vilten tas te maken, kijk dan snel bij Meervilt. Op 22 oktober a.s. geef ik bij Meervilt in Haarlem een workshop waarin je leert om zo'n tas te maken. Je hoeft niet heel bedreven te zijn met de naaimachine, want in feite hoef je maar twee rechte naadjes te stikken. Je leert tijdens de workshop het basismodel naaien, en gaat met een prachtige tas naar huis.

Meervilt heeft prachtig vilt te koop en ook allerlei benodigdheden voor naald- en natvilten. Hier vind je de webshop en als je in de buurt woont kan je je op vrijdagochtend vergapen aan al hun mooie materialen. Meervilt zit op een steenworp afstand van Station Haarlem.

Zie ik je daar op dinsdag 22 oktober? 





3 oktober 2013

Fietsen en paardenmeisjes

In de jaren zeventig waren alle fietsen donkergroen, behalve de donkerbruine en de donkerblauwe. Heel overzichtelijk. Gekleurde fietsen met een iele bagagedrager ('achteropje') zag je wel een enkele keer, maar ik herinner mij dat ik dat typisch iets voor Duitsers vond, net als schooltassen die je op je rug draagt. En geloof me, 'typisch iets voor Duitsers' was in die jaren nog bepaald geen aanbeveling.

Zoals er nu mensen zijn - altijd vrouwen, maar dat zijn ook mensen- die gekleurde bloemenslingers om hun stuur vlechten, zo spaarden wij vroeger de gekleurde doppen van de melk- en yoghurtflessen. Die doppen vouwden we om de spaken van onze fiets zodat ze bij iedere omwenteling van het wiel verschoven. Ja, ja, cool in de jaren zeventig. Blits heette dat, geloof ik. Als je meer geluid wilde, vouwde je  een stukje karton dubbel en maakte dat met een wasknijper vast aan je spaak. Alsof je kwam aanzetten in een Datsun met een kapotte uitlaat. Bloemenslingers vonden we typisch iets voor mensen uit Hawaii. Dat was vermoedelijk wél een aanbeveling, maar veel te ver weg om lang bij stil te staan.

Ik herinner me dat ik altijd zeurde of het zadel hoger mocht. Vaak mocht dat wel. De hoogte van het zadel ging vooraf aan de groei. Met platte voeten op de grond, dat vonden we typisch iets voor overbezorgde moeders. Veiligheid, dat was rechts fietsen en goed uitkijken. Een fietshelm hadden we nog nooit gezien. Daar hadden we typisch geen referentiekader voor gehad.

Ik hou van kinderen die fietsen. Zonder helm en zonder voeten aan de grond. Kinderen die nooit hun hand uitsteken om richting aan te geven, maar toch weer heelhuids arriveren. Kinderen die alleen fietsen. Omdat ze het kunnen. Omdat ouders niet overal met hun snufferd bovenop hoeven te zitten.

Deze tas maakte ik voor Pleun, een vriendin van Lauren. Fietsen en paardenmeisjes, soms zijn de jaren zeventig nog dichtbij.

I made a bag voor Pleun, a friend of Lauren's. Is the horse loving girl a universal phenomenon? The bag is lined with oilcloth, so it's easy to carry muddy and wet things in it.





16 september 2013

Gips

De telefoon gaat. De turnjuf van Lauren meldt kalm dat Lauren van de brug is gevallen en dat het er niet best uit ziet. Ze moet naar het ziekenhuis. Vier uur later zit Lauren's arm in het gips. Elleboog 'uit de kom', met dienverstande dat de elleboog geen komgewricht, maar een scharniergewricht is. Drie weken gips.

Een korte samenvatting waarin de vreselijke pijn van Lauren, mijn arm moederhart en de ontredderde aanblik van mijn meisje op de operatiekamer even buiten schot blijven. All's well that ends well, tenslotte. 

Zo'n gipsarm is niet alleen ellende. Man, de aandacht die het oplevert. Dozen frambozen, chocolade, tijdschriften en ansichtkaarten. Je zou er nog een turnpak voor aantrekken (of nee, toch maar niet.) Vijf vriendinnen die je 's ochtends helpen met je jas en je spullen en die hun naam op je gips schrijven. Het is mijn nooit vervulde kinderdroom. Samen met een vriendinnetje stortte ik mij met ware doodsverachting van het klimrek. Een gebroken been was het ultieme doel. En dan iedereen z'n naam erop schrijven en mijn krukken dragen. Dream on. 

Een bijkomend gevalletje is dat Lauren alleen t-shirts met korte mouwen aankan. Natuurlijk heb ik net een hele stapel weggeven die te klein geworden was. Flock en verwen. Je hebt dat gips niet voor niets, meiske!

"Welke kneus valt nou van een brug", vraagt een vriend van Valentijn de volgende dag als hij zegt dat z'n zusje in het gips zit. Mensen, het betreft hier de brug met ongelijke liggers. Mijn dochter zwiert gelijk Epke Zonderland aan de brug en dan gaat het weleens mis.
My daughter had a gymnastic's accident on the oneven bars. She had to be put under for the operation to relocate her dislocated elbow. She's in plaster for the next three weeks and fits only shortsleeves. I flocked two t-shirts for her. Spoiling is the perogative what makes these accidents bearable, don't you think? I know, I used to long for a broken leg when I was a kid. I did almost anything to get one, but always landed on my two feet. 

13 september 2013

Sterrenkijken

Vanochtend las ik in de krant een stukje over de Ig Nobelprijs. Een jaarlijkse ode aan creativiteit en excentriciteit in de wetenschap. Een ludieke prijs dus. Nu las ik, zoals als vaker met artikelen die over wetenschap of economie gaan, slechts een stukje van de tekst en trok op basis daarvan  mijn conclusies. Dus toen ik las over de ontdekking dat hoe langer een koe heeft gelegen, hoe groter de kans is dat die koe spoedig op zal staan, fronste ik mijn wenkbrauwen en dacht het mijne van de moderne wetenschap.
Twee Zweedse wetenschappers ontvingen de prijs voor de ontdekking dat mestkevers navigeren op de sterren. 

Nu is dat laatste niet nieuw. Mensen navigeren al eeuwen op de sterren. Ze gaven die sterren ook nog eens prachtige namen. De hemel fungeerde als het groot geïllustreerd mythologieboek voor onze voorouders. Het zou ons nog niet meevallen om te navigeren op Polaris, Sirius en Aldebaran. Soms moet de mens zijn meerdere erkennen in de mestkever. En hoewel iedereen het steelpannetje (onderdeel van de Grote Beer) wel kan vinden, is het nog een hele klus om sterrenbeelden te ontdekken. Die handige verbindingsstreepjes die op hemelkaarten staan ontbreken namelijk in het echt. Joh!

Mijn vader en mijn zoons zijn sterrenkijkers. Ze herkennen sterrenbeelden en wijzen Venus en Mars aan en snappen hoe een hemelkaart werkt. Ik knik en bewonder. Ik vind het prachtig, maar ik zie het niet. Onlangs heb ik mijn kennis echter danig bijgespijkerd. Ik ben begonnen aan een quilt voor Valentijn. Een quilt uit één lap stof waarop de sterrenbeelden van het noordelijk halfrond op een winteravond zijn afgebeeld. Die borduur ik erop. Misschien doe ik ook nog iets met de cyclus van de maan. Later zal ik de hele lap sandwichen en quilten. Haptic Lab bracht me op het idee. 

Hier vond ik een interactieve hemelkaart en bij de plaatselijke printshop liet ik die vergroten tot 84x84 cm. Ik nam de kaart over op patroonpapier en met een keramiekstift prikte ik door het papier de sterren erop om ze later met een lineaal te verbinden.  Het is heel bevredigend om bij elk sterrenbeeld weer een stukje patroonpapier te kunnen wegscheuren. 


2 september 2013

Flock fashion

Leest u de moderubriek van Cecile Narinx en Arno Kantelberg (Volkskrantmagazine)? Ik wel en ik ben er dol op. Maar dat is ook ongeveer alles wat ik op het gebied van mode tot mij neem. Ik heb geen idee wat mode is. Ik doe ook niet aan mode. Mijn figuur had moeiteloos in de New Look van Dior (ja, van geschiedenis weet ik dan wel weer het een en ander) gepast, maar in een skinny jeans met een wijd t-shirt is 'fashion' niet het eerste woord dat in je opkomt als je mij erin ziet.

Toch, als je erover nadenkt, vang je meer op dan je denkt. Zo heb ik onderhand best begrepen dat bordeauxrood (burgundy zal dat in modeland wel heten) het deze winter helemaal gaat worden. Fijn, want dat vind ik toevallig een mooie kleur. Ik zie ook dat de trui bezig is aan een stevige comeback. Ik kan de trui bij deze ook mededelen dat ik nog niet zo ver ben. Wat ik dan wel weer leuk vind zijn de iets langere rokken. Misschien pakt de mode nog niet zo gek uit, deze winter.

Wat ik wel weet is dat de t-shirts van Lauren echt niet meer kunnen. Dat heeft niets met mode te maken, maar alles met groei. Ze past ze simpelweg niet meer. Dit weekend kocht ik een paar goedkope t-shirts en flockte ik er op los. De snor was een  variant op wat ik hier zag en het sterrenbeeld een eigen idee. Snelle mode voor snelle groeiers.

Children that grow so fast, it's the biggest cliché of motherhood, but like all clichés so true. I bought a pair of cheap t-shirts and used flock foil to make them a bit more personal. What a quick fix.