29 maart 2014

Dromen en strepen

Mijn handen zijn bezige handen. Handen met vieze inktrandjes van het zeefdrukken. Kapotgeprikte vingers van het quilten. Mijn handen zijn geduldig. Gestaag breien ze voort. Rustig geleiden ze de stof langs het naaivoetje van mijn machine. Sneller, sneller, denkt mijn brein, maar mijn handen laten zich niet gek maken. 
Ik snap het niet, ik snap het niet, lawaait mijn hoofd bij het zien van een patroon om kant te breien, maar handen snappen het best. Gaandeweg de pen maken mijn handen het patroon als vanzelf. 

Handen doen. Ze dralen niet, ze dromen niet. Dat doet mijn hoofd wel, of is het mijn hart? Mijn hart droomt zich een plek om handen bezig te laten zijn. Van mooie stoffen, van strengen wol, van dik vilt, van leuke cursisten. Van Purl Soho, maar dan van mij. Handen en hart zijn er wel uit, maar wat zegt het hoofd?


Mijn handen breiden een sjaal en deden dat al eerder in andere kleuren. Het is een gratis patroon van Ravelry, dat toevalligerwijs (?) 'dream stripes' heet.  De batterij van mijn Canon heeft zich verstopt, dus u moet het doen met iPhone-foto's. 

Busy hands, my hands are. Dirty with ink from screen printing, sore fingers from quilting. Patient hands they are. They don't dream. That's the heart department. My heart is dreaming of a place for busy hands. From colored fabric, and wonderful skeins of wool, of felt and lovely students to take classes. From my own kind of Purl Soho. Heart and hands, they know already, but the head is still counting.....

My hands knitted another Dream Stripes Shawl. Black and white with neon pink border. Now, that's shocking pink! A few weeks ago, I knitted one in my favorite colors. 




12 maart 2014

Wraak? Bijt liever in je kussen!

Het kan u niet ontgaan zijn dat Heleen Mees weer in het nieuws is. Heleen Mees, die eigenlijk gewoon Nijkamp heet, is econome en 'powerfeministe', wat zoveel betekent dat je de vrouwelijke zaak niet dient in een tuinbroek, maar in merkkleding. En toegegeven, dat ziet er een stuk aantrekkelijker uit. Stikjaloers was ik toen ik zag hoe prachtig gekleed ze de rechtbank verliet. Op blote benen gestoken in killer heels, begin maart, terwijl de sneeuw nog amper weggedooid is in New York. Power hoor! 
De zaak die Willem Buiter, schuinsmarcheerder bij de Citigroup, tegen haar had aangespannen is geseponeerd. In plaats dat Heleen haar wonden likt en bij haar goede vriendinnen Neelie Kroes en Sylvia Toth op de bank kruipt met een paar flessen wijn, waarbij die twee eveneens sharpdressed ladies continu alles bevestigen wat volgens Heleen naar en lelijk is aan Willem, trekt zij ten strijde. Een civiele zaak, dat zal hem leren!
Wraak. Een paar keer in mijn leven is het voorgekomen dat ik erop zinde. Niets menselijks is mij vreemd. Het beoogde slachtoffer had wellicht nog niet eens mijn pad gekruist, maar dat van mijn dierbaren. Heleen Mees met d'r civiele zaak zou nog wat van me kunnen leren, als ik het bedachte in praktijk had gebracht. 
Maar dat doe je niet. Aanvankelijk omdat je wordt omringd door lieve, verstandige mensen die zeggen dat het het niet waard is. Dat je die energie beter in leuke dingen kunt stoppen. En vervolgens bedenk hoe lelijk je ervan wordt, van wraak. Dus bijt je in je kussen en wacht je tot het weg is. 

Ik heb de adviezen van Heleen niet opgevolgd en dat doet zij ongetwijfeld evenmin met de mijne. Leven en laten leven. Heet dat sukkelfeminisme? 

Ik maakte een kussen (60x60cm) van half square triangles, bij quilters beter bekend als HST, van de prachtige nani iro stof, die ik kocht bij Mondays Milk. Ik quiltte beide kanten met de hand, met dienverstande dat je maar door twee lagen hoeft in plaats van door drie. Niemand ziet de binnenkant van de kussenhoes, tenzij je van plan bent die uit wraak over iemands tronie te trekken. Maar soit. 

I made a half square triangle pillow out of two 60x60cm quilted pieces. It's for the main part made out of nani iro double gauze fabric, which is incredible soft en easy to quilt through.




7 maart 2014

Parijse lente, Bretonse strepen



Vandaag neem ik u mee naar een opgewekter deel van mijn brein. De  Krim, zoals ik gister al zei, daar komt u hier niet voor. Vooruit, vandaag Bretagne. Wat is er vrolijk aan Bretagne, zult u zich misschien afvragen. U kent mij als een die-hard mooiweertype. En Bretagne, dat is regen, creperies, moules-frites en  nog meer regen. Ik spreek overigens uit zeer beperkte ervaring. Ploumanach, Cote de Granite Rouge, 1994. Slecht weer, creperies, moules-frites, regen en lege kroegen. Bonjour tristesse. Of liever 'salut', want wij namen gauw de benen naar het zuiden.



En toch, Bretagne. Want Bretagne is ook de Bretonse streep van de onvergankelijke 'marinière'. Is er iets Franser dan de streepjestrui? En staat Frans niet voor alles wat wij Nederlanders heimelijk willen?  Bretonse strepen, dat is 'Zout op mijn huid'. (Weet u nog, Benoîte Groult?) Bretonse strepen waren het eerste cadeau dat ik ooit aan mijn liefje gaf, in de vorm van een sjaal, die hij later in de trein liet liggen. Bretonse strepen dat is printemps. En printemps is nog beter dan lente.
En lente is het. Misschien nog niet in Bretagne. Maar twee weken geleden snoven mijn man en ik aan de lente in Parijs. Printemps, Paris, de rest vult u zelf wel in. En nu is de lente dus hier. Ik hul onze dochter in zelfgemaakte Bretonse strepen. Gebreid. Ik denk dat ik mijn status op Ravelry, maar eens van beginner in gevorderd ga veranderen. Het patroon heet clamdigger en is te vinden om datzelfde Ravelry.

Het shirtje is een zeefdruk, met flockconfetti uit de perforator. Leuk met een hockeybroek... (Het model was wel uitgeposeerd, zoals overduidelijk aan haar gezicht te zien was. Jammer dat het weer nu net niet zo heel erg lente-achtig was. )

6 maart 2014

Krim

De Krim. Tot voor kort was het een term die me vooral aan het verleden deed denken. In 1945 kwamen Roosevelt, Churchill en Stalin daar bij elkaar. In Jalta op de Krim, verdeelden de overwinnaars van de Tweede Wereldoorlog niet alleen Duitsland, maar werd ook een flink voorschot genomen op de verdeling van Europa in een Westers deel en een deel wat later het Oostblok zou gaan heten.
Jalta op de Krim. Ik dacht dat het wel altijd een begrip zou blijven. Onze oudste zoon heeft het in 3 VWO momenteel over de Koude Oorlog. Jalta op de Krim zegt hem niets. Wel dat er een conferentie is geweest, waarbij Berlijn werd verdeeld en meer van dat soort zaken. Maar Jalta op de Krim?

Nu is de Krim is niet langer een term uit het verleden. De ontwikkelingen volgen elkaar zo snel op dat de situatie alweer anders is dan toen ik net begon met het tikken van dit stukje. Wel bij Rusland, niet bij Rusland. Russische troepen of binnenlandse strijdkrachten? Tegenstanders van Russische bemoeienis zijn er als de kippen bij om Poetin te vergelijken met Hitler. Mijn kennis van de situatie gaat niet verder dan krant en journaal, maar Stalin heb ik tot op heden niet voorbij zien komen. Toch strekt Poetin net als zijn beruchte voorganger zijn klauwen fiks uit.

Jalta op de Krim. Het lijkt ineens zo overzichtelijk. Als actualiteiten geschiedenis geworden zijn, dan is er richting en rede gevonden. Maar ten westen van Moskou, en ten zuiden ook trouwens, daar wordt de geschiedenis gemaakt 'as we speak' en daar is niets overzichtelijks aan. De strijd om de macht beheerst de geschiedenis al veel langer dan de democratie. En daar is niets bemoedigends aan...

The reaper, schilderij van Alexei Venetsianov, van wie schilderijen zijn te zien in Teyler's Museum in Haarlem tijdens de tentoonstelling 'de Romantische Ziel'.

Maar Rusland, dat is ook Moedertje Rusland en sprookjes. Dat is Tjechov en Tolstoj. Dat is prachtige muziek. Dat is drama en de slavische ziel. Kortom, dat is romantiek. En romantiek kan altijd op mijn onverdeelde aandacht rekenen. Maar Poetin heeft niets met die romantiek te maken. Zoals romantiek maar zeer zelden met de dagelijkse actualiteit van doen heeft.

Ja, daar kwam u niet voor, hè. Maar bij het hervatten van dit blog beloofde ik persoonlijke hersenspinsels en zelfgemaakte dingen. Dit was een klein kijkje in mijn brein, vandaag. Morgen iets zelfgemaakts....

12 februari 2014

Winter spelen

In de jaren tachtig stonden er blanco rondeschema's voor het schaatsen in de krant. Een service aan de lezer, die ze tijdens de tien kilometer kon invullen om te zien hoeTommy Gustafson of Leo Visser vorderden tijdens het kwartier dat hun rit ongeveer duurde. Dan had je er al een weekendlang schaatsenkijken opzitten.

Ik herinner me een date in diezelfde periode, wat toen nog geruststellend een afspraakje heette.We keken op zijn kamer naar het WK schaatsen en ik was niet eens teleurgesteld.  Dat kwam pas later. Toen ging hij me in het Frans vertaalde songteksten van Frank Boeyen sturen. Tja.

Het zou u dus niet hoeven verbazen dat ik dol ben op de Olympische Spelen. Toch kijken mensen me meestal lichtelijk geamuseerd aan als ik dat vertel. Ik weet dat het 'way out of character' is.  Maar echt, ik geniet met volle teugen. Natuurlijk van het schaatsen, waarbij ik tegen de televisie roep: "Kom op jongens, schaatsen". Ik zie mijn kinderen ineenkrimpen van schaamte over zoveel onbenul, maar die zijn op de leeftijd dat je je hoort te generen voor je ouders, dat kan nauwelijks te maken hebben met het feit dat ik tegen de televisie praat. 

Maar ik kijk ook vrijwillig naar biathlon, wat vanuit een verstandelijk gezichtspunt de zotheid ten top is. Dat is langlaufen tot je erbij neervalt en dan vijf keer schieten op ronde schijven terwijl het lichaam niets anders wil dan amechtig hijgen. Dat komt het mikvermogen uiteraard niet ten goede. En in de loop van dat biathlon hoop ik zomaar dat Ole Einar Björndalen zijn dertiende medaille haalt. Je moet een favoriet hebben, anders is er niks aan. (Voor de geïnteresseerden: het is Ole Einar nog niet gelukt, maar hij heeft nog meer kansen. Het is overigens een volstrekt onaansprekende Noor, misschien kiest u een leukere favoriet.)

En natuurlijk. Ook ik leid aan de door Aaf Brandt Corstius beschreven reflex om iedere keer te denken; "En de homorechten dan?". Maar ineens merk ik aan den lijve dat sport en gezond verstand geen goede combinatie zijn. Dat is ook de reden dat ik er normaal gesproken niet voor te porren ben. 

Ik trakteer mijzelf op een portie dubbele backflip en dan switch naar de volgende schans voor een seven-twenty met een tailgrab. Denk dan nog maar eens aan de homorechten!

 En ik speel ook winter. In mijn zeefdrukcursus. IJsbeer op monoprint, ijsbeer op t-shirt. En nou maar hopen dat niemand zijn jas laat slingeren. Dat is niet goed voor de ijsberenstand in dit land.

Enjoying the Olympics, and making my winter in my screen print class. A polar bear, also printed on previous made monoprints and even on a 'cool' shirt for Lauren.



26 januari 2014

Voor meisjes van dertien


Naarmate de kinderen ouder worden geven ze vaker geld aan een jarige. Ze krijgen ook vaker geld trouwens. Valentijn en zijn beste vriend gaven een feest en in plaats zich over te geven aan een afterparty toen de gasten weg waren en wederzijdse ouders nog een fles opentrokken, zaten ze als een pasgetrouwd echtpaar hun geld te tellen. Rijke stinkerds!

Jongens zitten er niet mee om geld te geven in rommelige envelop van achter uit de la. Meestal schrijven ze er nog net de naam van de jarige op en in het allerbeste geval nog 'gefeliciteerd'. Ik vind dat niet echt leuk, en doe nog wel eens een poging met een foto of zo, maar meestal laat ik het lekker gaan. Toen Valentijn echter uitgenodigd werd bij een meisje uit zijn nieuwe klas, zag ik mijn kans schoon. "Is het nog cool om iets zelfgemaakts te geven", checkte ik nog even. Hij dacht dat meisjes in de brugklas dat nog wel konden waarderen.

Paar euro erin en klaar. Toen ze later bij ons kwam 'chillen' bedankte ze me heel lief. "Ik vind het echt heel mooi en neem het elke dag mee naar school", maar dat kon ook zomaar iets met de gever van het cadeau te maken hebben....

23 januari 2014

Echt 'baas'

Mijn kennis over IJsland ging tot voor kort niet veel verder dan Reykjavik, Björk (it's oh so quiet in IJsland) en geisers.  Aangezien ik een warm bad in mijn eentje veruit verkies boven een geisers in gezelschap had ik ook geen animo om die kennis uit te breiden, ware het niet dat ik mij in de 'lopapeysa' heb gestort. 

Dat is geen nieuwe Scandinavische thriller, maar een trui. Liefhebbers van The Killing zullen zeggen: "Wat is het verschil?". De lopapeysa is de traditionele IJslandse trui, die trouwens helemaal niet zo traditioneel is. Een jaar of zestig geleden zijn ze IJsland deze truien gaan breien, geïnspireerd op de kleding van de Groenlandse Inuit. Dat zijn eskimo's, maar dat is geloof ik niet aardig om te zeggen. Puik staaltje IJslands jatwerk.

Ik wilde een warm vest voor mijzelf breien. Bij voorkeur om in te schaatsen, maar bij onstentenis van ijs ook prima voor gewoon. Dat de winter maar niet wil komen, betekent niet dat ik het niet koud heb. In minder dan een maand breide ik een trui (laat dit huzarenstukje even tot u doordringen.)  Een trui is geen vest, dat weet iedereen. Maar ik breide een trui met het voorgenomen plan deze later door midden te knippen tot een vest. Nog nooit een trui gebreid en meteen maar de schaar erin. Ambitieus plan. 


Ik nam de steken op en breide een i-cord, een soort gepunnikt randje, waar de dubbeldeelbare metalen rits heel mooi in verdwijnt, als kostte dat laatste bloed, zweet, tranen en vingertoppen omdat ik hem er ten langen leste maar met de hand heb in genaaid. Dat het langzaam verlopende garen breedtestrepen maakt is niet persé een aanwinst. Ik had liever traditionele IJslandse wol gehad. Goedkoop en kriebelig, maar wel heel warm. Van de restjes maakte ik een bijpassende muts. Ik volgde dit patroon, maar veranderde de pas. Hier kun je zien hoe. 

Ik vind mezelf echt een 'baas' dat ik dit gemaakt heb, om maar eens een leenwoord uit de jeugdtaal te gebruiken. Je schijnt het met een 'z' te moeten schrijven, maar ik ben niet helemaal van Lotje getikt. De kinderen (9, 12 en 14) lenen op hun beurt trouwens ook wel eens iets uit het verleden. Onder invloed van de serie Ramses is de Shaffycantate hier veelvuldig te horen. 

I knitted a 'lopapeysa' in less than a month. I'm very proud of myself for steeking it, knitting an i-cord en placing a almost hidden double metal zipper. I used this pattern, but changed the yoke. Here you can find the chart for the yoke. 


8 januari 2014

Tamme breister

Vorig jaar ontdekte ik het breien. Een paar sjaals en cols later was de winter over en taande de interesse danig om in oktober weer net zo hevig op te vlammen. Breien is, wat iedereen ook wil beweren niet hot. Ja, op Ravelry wel ja, maar ik vermoed dat klaverjassen ook vrij populair is bij daartoe opgerichte vereningingen. Maar wees gerust. Ik laat lantaarnpalen en ander straatmeubilair gewoon met rust en brei uitsluitend thuis. Als je geen wildbreier bent, ben je dan een tamme breier of een gecultiveerde breier?


Ik heb veel geleerd sinds ik de pennen weer opgepakt heb. Zo kan ik nu op een rondbreinaald breien, meerderen en minderen op allerlei manieren, een  'kant'-patroon breien en -tromgeroffel lijkt me gepast- heb ik een vest voor Lauren gebreid. Natuurlijk zag ik pas op de computer dat op de foto's de zoom naar binnen valt, maar ik kan naar eer en geweten zeggen dat dat niet aan slordig breiwerk ligt. Van het garen (Malabrigo Rios Paris Night) dat over was en nog een beetje van een ander project, maakte ik nog een muts.

Ik ben nu een project gestart voor mijzelf. Een IJslands vest, met een rits. Dat houdt in dat ik eerst een trui in het rond brei en dat ik daar vervolgens dwars doorheen geknipt. Dat klinkt verknipt, maar zo schijnt dat te moeten.

Last winter I learned how to knit properly. I knitted a few scarfs and cols and when the spring came I never bothered again. And then came October and I was smitten again. I learned a lot since, how to knit in the round, several ways of increasing and decreasing, how to knit lace and I knitted a cardigan for Lauren in wonderful Malabrigo Yarn.


2 januari 2014

Gelukkig Nieuwjaar en origami

In de eerste plaats: Gelukkig Nieuwjaar.
Valt het u ook op dat niemand dat meer zegt?  De Beste Wensen, die krijg ik wel veel toebedeeld, waarvoor dank. Prettige Kerstdagen deden ook nauwelijks nog de ronde, daar is het laffe 'Fijne Dagen' voor in de plaats gekomen, meestal gevolgd door het woordje 'nog'. Juist door die toevoeging krijg je het gevoel dat je het hele jaar nog even goed moet maken in dat laatste weekje, maar dat dat feitelijk onbegonnen werk is. Dan wou ik bijna dat ik in Amerika woonde en de hele dag kon 'Merry Christmas' kon roepen. Misschien kon ik de neiging om er 'ho, ho, ho' achteraan te plakken niet eens onderdrukken. Op Oudejaarsdag, maar ook alleen dan, gaat er niets boven Oostenrijk. U moet toegeven; ein guten Rutsch maakt heel korte metten met een 'goed uiteinde'.

Maar eigenlijk ging ik het over origami hebben. Origami en ik gaan al een tijdje terug. In 1978 (wát?) kampeerden wij in Grindelwald. De camping keek uit op de Eiger Nordwand en dat was ook de reden dat de meeste kampeerders daar bivakkeerden. Hoewel wij er met een degelijke Alpenkreuzer stonden, wemelde het er van de polyester koepeltentjes. Dat was toen nieuw.

Die koepeltentjes werden bevolkt door Japanse bergbeklimmers. Die genoten niet alleen van het uitzicht van de Eiger, maar waren ook van plan deze te beklimmen. Het zou goed kunnen zijn dat het deze ontmoeting is geweest die mijn broer heeft geïnspireerd om alles van Reinhold Messner te verslinden. Ik liep ook toen al niet zo gauw warm voor sportieve prestaties, maar  wel voor de gekleurde vouwblaadjes die ze bij zich hadden.

Ik nam in die tijd mijn poezie-album mee op vakantie. Zodat een Brabants vakantievriendinnetje daar 'romel-de-bomel-Petra-zit-in-de-koekjestromel' in kon schrijven. Ja, dat wil je niet missen. Ik rook een buitenkansje toen ik al die Japanners zag. In mijn beste Engels (ik was negen, hè) probeerde is ze het concept poezie-album uit te leggen én dat ik daar graag een origami-achtige bijdrage in zag. Met Chinese tekens erbij. Wist ik veel. Ik kreeg mijn zin.

Een jaar eerder, in Engeland, moest ik de fijne kneepjes van die taal nog onder de knie krijgen. Toen mijn broer en ik in een campingwinkel allebei een tennisbal mochten kopen en de mijne niet stuiterde, wisselde ik deze razendsnel om met mijn broer (oh, de voorrechten van een eerstgeborene) en stuurde hem terug. "Zeg maar; notting goet stoot, dan krijg je wel een nieuwe". Niet veel later stond mijn broertje huilend buiten met nog steeds dezelfde lamme tennisbal. "Ze begrijpen me niet".

Maar ik dwaal af. Zoals wel vaker. We waren dus in Zwitserland, waar de Japanse bergbeklimmers niet alleen in mijn poezie-album schreven, maar mij ook kraanvogels en pingpongballetjes leerden vouwen. En  gaven ze me een stapeltje van die mooie blaadjes mee voor thuis.

De liefde is nooit over gegaan. Voor een feestje maakte ik deze Japanse brocade ballen, die ik later ophing op Lauren's kamer. In rood en wit ook leuk voor in de kerstboom, maar dat is een beetje te laat. Misschien voor alle die-hards die tot Maria Lichtmis tegen steeds kalere takken aankijken. Zie hier hoe u ze maakt.

In 1978 I learned how to fold origami cranes on a campsite in Grindelwald, Switzerland. Japanese climbers brought little origami papers. I loved it rightaway and never stopped loving it. Make your own Japanese brocade balls.


18 december 2013

Feeling blue


 Weet u wat dit is? Dit is een op de Wiener Werkstätte geïnspireerd tafelkleed. Nou, ik kan sommigen van u misschien alles wijsmaken, maar dat is het dus niet. Dat had het moeten zijn.

Uiterst voorbereid toog ik naar mijn zeefdrukles. Tekening op de transparant in de tas. Ik zal u verder niet vermoeien met allerlei technische wetenswaardigheden over zeefdrukken, maar het vergde minutieuze voorbereiding om te bepalen waar ik moest drukken om aldus een repeterend Wiener Werkstätte-waardig patroon te krijgen. Hiervoor moest ik zelfs bovenop de tafel klimmen om te kunnen drukken. Ik vulde de zeef met de blauwe inkt en trok het rakel ferm naar me toe. Met de nadruk op ferm. Uit onhandigheid vulde ik de zeef met teveel inkt en bij het drukken splashte de blauwe verf over de zeef op mijn tafelkleed. Eerder Jackson Pollock dan Wiener Werkstatte. 


Gloeiende, gloeiende, gloeiende... Vloeken werkt altijd beter in de vermenigvuldiging. Ik zei trouwens geen 'gloeiende', maar iets anders. Iets dat écht helpt. Ik wreef daarbij driftig met een roerstokje door de netgemorste verf. 

Ik vond het resultaat eigenlijk best mooi. Mijn docent deed ook erg zijn best; "Het is wel een mooie blauwe kleur". In plaats een suffe loper te maken van het restant van de stof, ging ik driftig in de weer met een brede kwast en blauwe inkt. 

Vanochtend klonken er goedkeurende geluiden bij het aanschouwen van mijn misbaksel. 

16 december 2013

Zij kon het bloggen niet laten

Met "blauw afscheid" hing ik dit blog aan de wilgen. Laten we het erop houden dat het er weer uitgewaaid is. Ik mis mijn blog. Ik blijf iedere keer bij het openen van mijn laptop naar mijn eigen blog kijken. Met dat blauwe afscheid betekende het dat ik iedere keer naar die foto van Lauren bleef kijken met die gebreide pet. Ik moet steeds aan Tanja Nijmeijer denken bij die foto. Dat mooie meisje van de FARC. Niet direct de gedroomde toekomst van je enige dochter. Even checken: hockeyen in Oranje, schrijfster, juf. Guerillastrijder staat gelukkig niet op het lijstje van haar toekomstige beroepen. 

Toekomstige beroepen. Nogal een thema hier, de laatste tijd. Onze oudste zoon, die nog geen baard in of op de keel heeft, moet deze week zijn voorlopige profielkeuze maken. Gister wilde hij journalist worden, vandaag arts. Morgen moet hij kiezen. Als hij wiskunde B kiest, wat hij nodig heeft voor natuurkunde, wat hij nodig heeft om geneeskunde te studeren, kan hij geen geschiedenis kiezen, waar hij van smult en wat ook nog een retehandig is als je journalist wilt worden. En dan ben je nog maar veertien. Praat er vooral met je ouders over, zeggen ze op school. 

Iedereen is zo voor een bèta profiel. Dat houdt de meeste opties open, zeggen ze. Maar het is toch te gek dat een kind van veertien verder geen maatschappij-vakken als aardrijkskunde, geschiedenis of vooruit, economie overhoudt? Grote kans dat hij dan niet weet van de FARC, dat scheelt weer. 

Kortom. Vervlogen Dagen is er weer. Met tuttige hobby's en persoonlijke hersenspinsels. Omdat ik eigenlijk niet zonder kon....

Op de foto twee mutsen. De linker voor Lauren, de rechter voor mij. 

Apparently it was too early to say goodbye. I miss blogging. So I'm back. With crafting and personal stories. That is, if you read Dutch. 




12 november 2013

Op herhaling

U blijft hier zo trouw op bezoek komen. Althans dat is de conclusie die ik trek op basis van de bezoekersaantallen. Misschien heb ik ook een geheel nieuwe doelgroep aangeboord; zij die blogs bezoeken die een -tijdelijk- afscheid aankondigen. Je weet het maar nooit. Om mijn eigen ego te strelen ga ik ervan uit dat u hier trouw blijft komen. Ik ook trouwens.

 Om die trouw te belonen doe ik, met het zicht op december, nog eens een patroon op herhaling. Hoewel deze verschijning geworden is tot iemand-wiens-naam-wij-niet-hardop-mogen-noemen durf ik hier zo maar het patroon voor mijn Zwarte Pietenpop te plaatsen. Ik ben tenslotte niet voor een kleintje vervaard. Mooie uitdrukking. Het plaatst me meteen in goed gezelschap. Willem van Oranje was ook vrij onverveerd een prinse van Oranje. Kennelijk lag de aa-klank ons in de zestiende eeuw nog niet zo lekker. Maar ik dwaal af. Eens zien: Willem van Oranje, Alva, Filips, Spanje. Ik ben er weer. Willems zoon, Filips Willem, werd trouwens ooit meegenomen naar Spanje om daar een streng katholieke opvoeding te genieten. Ik weet niet of dat Willem van Oranje (die toen dat gebeurde de wijk had genomen voor Alva) nou direct in het kamp van de Zwarte Piet-aanhangers had geplaatst. Het kan zijn dat hij licht gevoelig zou zijn voor de praktijken die de Pieterbaas uit hoofde van zijn functie erop na houdt.

 Wij hebben Sinterklaas in de familiekring nog nooit met een echte Sinterklaas of Zwarte Piet gevierd. Dat is nog eens geloven! Maar nu vieren we het voor het eerst zonder gelovigen. Gelukkig heeft onze jongste 'het geheim van Sinterklaas' zelf ontrafeld zonder dat Prem Radhakishun daar de hand in had. Hoe we het vanaf nu zullen vieren weten we nog niet precies. Mijn man keek zeer bedenkelijk bij het woord 'surprises maken', ongetwijfeld dacht hij aan A4-tjes op de deur met "verboden toegang" en daarachter een zee van papier-maché. Dat rijmt trouwens wel leuk, ook belangrijk in deze tijd.

 Dit jaar ben ik ook voor het eerst afgestapt van de obligate seizoenstafel. Herfst hebben wij doodleuk laten passeren zonder vilten paddenstoelen en wat dies meer zij. Zelfs de schaal met kastanjes, die langzaam van onderaan beginnen te schimmelen heeft het dit jaar niet gehaald. De herfst is er niet minder om. Ik denk dat ik alle Sinterklaasparafernalia ook lekker in de doos laat zitten. De kartonnen stoomboot, waar elk jaar een frisse pluk watten inging, de kleine Klaas en zwarte Pietjes voor op de boot, het schimmeltje, de ingepakte Duploblokjes. Das war einmal. Ik zet deze twee Zwarte Pietjes in de boekenkast, bij het Sinterklaasboek van Charlotte Dematons, wat om onverklaarbare redenen behoort tot het vaste jaarrond repertoire.

Zwarte Pietjes, met gouden ringen en rode lippen. Als u die ook wil maken, klikt u hier voor het patroon. Het staat u geheel vrij om er een blauw hoofd op te maken of een geel.

30 oktober 2013

Blauw afscheid


Denemarken doet hier nooit mee in de categorie vakantiebestemmingen. Noorwegen en Zweden trouwens ook niet. Wegens rotweer, dure drank en smorrebrod. Toch jammer, want mijn Deens is de laatste tijd behoorlijk vooruit gegaan. Zo kan ik in het Deens aan mijn man (hi skat) vragen of hij soms een vriendin (kaereste) heeft en versta ik hem als hij daarvoor zijn excuses (undskyld) aanbiedt. Natuurlijk heeft mijn man geen vriendin en had hij die wel dan kan ik u verzekeren dat er geen woord Deens zat bij hetgeen ik hem te zeggen had.

U snapt het. Ook wij kijken Borgen en the Killing. En Downton Abbey trouwens, maar daar schiet mijn Deens niet veel mee op. The Killing staat in onze vriendenkring beter bekend als 'die met die gebreide trui'. En precies die gebreide truien maken deze misdaadserie dragelijk. Ik ben een angsthaas namelijk. Maar daar waar gebreide truien door het beeld schuiven wordt het nooit echt eng. Toch?

Het lijkt me niet meer dan logisch om deze les ook in het dagelijks leven toe te passen. Dus breide ik maar weer eens wat. Een muts met een klep, waarvan ik nog steeds diep onder de indruk ben.  K2 m1r sm k16 pm m1l k2 en dat ik dat dan snap. Ik maakte een combinatie van dit patroon en dit patroon.   De sjaal deed ik volgens dit recept. Het is voor mijzelf, maar voor de foto plantte ik het op een knapper hoofdje.

Het is allemaal oefenen natuurlijk. Voor een trui. En dat ik dan die moord oplos enzo. (Dat deed ik trouwens. Ik wist wie het was, maar mijn argumenten hadden weinig met politiewerk te maken, vrees ik.) Dus nu ga ik Ravelry eens afspeuren.

Hier knijp ik er een tijdje tussenuit.  Tweehonderdeenenveertig berichtjes schreef ik hier. Over tassen en kussens, tafellakens en dekbedden, tekeningen en zeefdrukken. De inspiratie voor het maken is niet weg en dat blijf ik ook doen, maar ik weet niet meer wat ik erover zeggen moet. De laatste tijd hadden mijn stukjes al weinig connectie meer met hetgeen ik maakte. Misschien dat ik stukjes moet schrijven. Ergens. Wie weet.

Tot ziens. 

22 oktober 2013

Setje

Van deze muts die ik voor Lauren breide zou ik moeiteloos naar de Zwarte Piet discussie kunnen springen, maar eigenlijk wil ik er geen woord meer over horen. In mijn meest genuanceerde momenten bedenk ik dat ik geen idee heb hoe het is om zwart te zijn, laat staan hoe kwetsend Zwarte Piet in dat geval zou kunnen zijn. In mijn  minder genuanceerde momenten, die weliswaar veel talrijker zijn, denk  ik: "Quatsch". Nou ja, feitelijk ligt "flauwekul" wat dichter bij mijn oorspronkelijke gedachte dan "quatsch", maar het laatste klinkt veel lekkerder.

David Sedaris heeft wat mij betreft het ultieme verhaal over de kwestie geschreven. In 'Six to eight black men' beschrijft hij onze Sinterklaastraditie die -if you put it like that- bijzonder wonderlijk klinkt.  "Then, of course, you've got the six to eight former slaves who could potentially go off at any moment. This, I think, is the greatest difference between us and the Dutch. While a certain segment of our population might be perfectly happy with the arrangement, if you told the average white American that six to eight nameless black men would be sneaking into his house in the middel of the night, he would barrciade the doors and arm himself with whatever he could get his hands on."

Doe jezelf een plezier en lees alles van David Sedaris. Doe dat niet in een openbare ruimte, tenzij je het lollig vindt om aangestaard te worden omdat je hikkend van de lach een boek in een openbare ruimte zit te lezen. Doe dat bij voorkeur ook niet terwijl je partner onder handbereik op de bank zit, tenzij hij of zij het heel leuk vindt om volstrekt onverstaanbaar voorgelezen strofes aan te horen.

Of brei een col en een muts. De col is een kopietje van deze, in de bijenkorfsteek. Met een col doe ik niet ingewikkeld. Ik brei gewoon een sjaal en haak die aan elkaar. Zo makkelijk kom je met een muts niet weg. Er gingen nogal wat youtube-filmpjes aan vooraf om de edele kunst van het rondbreien om een rondbreinaald onder de knie te krijgen.

I knitted a cowl and hat for Lauren. Without much of a pattern, which wasn't the easiest way to go for the first time on circular needles. The cowl is a copy of this one, in a very becoming honeycomb stitch.

16 oktober 2013

Kruk


Lauren was dus jarig. Van mijn eigen verjaardagen herinner ik me lange verlanglijsten. Bovenaan: een wit konijn. Een bedelarmband heeft me ook jaren het einde geleken. Het zat er nooit bij en dat gaf ook niet. Gek genoeg is het eerste cadeau dat me te binnen schiet dat ik wel gekregen heb, een fles appelshampoo met een psychedelisch jaren zeventig etiket.

Nog steeds maak ik lange lijsten. Geen witte konijnen meer of bedelarmbanden. Maar een keukenmachine heb ik écht jaren gevraagd. Afgelopen jaar kreeg ik er een. Met excuses. Dat hij ook wel weet dat ik eigenlijk niet van praktische cadeaus hou, maar omdat ik het al zo lang vraag...

Lauren had een zeer bescheiden lijstje. Zowel in omvang als in gevraagde artikelen. Ze vroeg sloffen en een kruk. Zeker niet behept met het allergisch-voor-praktische-cadeaus-gen! Gelukkig vroeg ze ook oorbellen. Het dol-op-kleine-doosjes-gen blijkt wel dominant.

De sloffen kocht ik en de kruk ook. We deden er en passant nog een "vet chille" bureaustoel bij. De kruk (Frosta van Ikea) werd door Lightbluegrey als eens prachtig aangekleed. Dat wilde ik ook, maar ik deed iets anders. Een kussen met twee kanten. Ja duh! Twee verschillende kanten. Grijze piping ertussen, want de fluo roze kwam helaas net te kort.